Kennisontwikkeling - Wetenschappelijk onderzoek - Lopende onderzoeken

Juist gebruik van antibiotica in de langdurige zorg

(Tweede pilot antibiotic surveillance & stewardship)

Resistentie tegen antibiotica is wereldwijd een steeds grotere bedreiging voor de volksgezondheid. Te veel en onnodig gebruik van antibiotica zijn belangrijke oorzaken van die stijging. Nederlandse artsen schrijven in het algemeen niet snel antibiotica voor. Toch is er nog winst te halen als zij het alleen geven als het echt nodig is.

De landelijke aanpak antibioticaresistentie uit 2015 wil ‘onjuist’ antibioticagebruik met 50 procent verminderen. Hiervoor is het belangrijk te weten hoe vaak en in welke situaties artsen antibiotica voorschrijven aan ouderen, en hoe vaak dit als onjuist aangeduid kan worden. Het RIVM heeft hiervoor in 2019 met UNO-VUmc een methode ontwikkeld.

De methode geeft met een minimale registratie in het elektronisch cliëntendossier inzicht in het voorschrijfgedrag van artsen die werken in de langdurige zorg. Het gaat om artsen die werken met ouderen in verpleeghuizen en kwetsbare personen die lange tijd zorg nodig hebben. Deze mensen krijgen relatief vaak antibiotica voor infecties aan de lage luchtwegen en urinewegen.

De artsen hebben als proef drie maanden bijgehouden hoe vaak en wanneer zij antibiotica voorschreven voor deze twee infecties. Het RIVM en UNO-VUmc hebben de gegevens verzameld, geanalyseerd en de resultaten aan de artsen gegeven. Met deze ‘spiegelinformatie’ worden artsen bewuster van hun voorschrijfgedrag en kunnen zij dit zo mogelijk verbeteren. De artsen vonden deze informatie heel nuttig. Alle deelnemers willen de registraties in de toekomst herhalen.

De methode was in een eerder proefproject ontwikkeld en is nu verbeterd. De artsen vonden de methode nu veel gebruiksvriendelijker. Ook zijn er twee nieuwe richtlijnen in verwerkt om de genoemde mensen te behandelen voor infecties aan de lage luchtwegen en infecties aan de urinewegen. De methode blijkt een hulpmiddel voor artsen om goed volgens de twee nieuwe richtlijnen te handelen.

In februari 2020 verscheen het rapport Juist gebruik van antibiotica in de langdurige zorg.

Initiatieven infectiepreventie & goed antibioticagebruik

De leden van de themagroep Organisatie van Zorg constateerden dat er ‘veel op de langdurige zorg afkomt’ als het gaat om antibioticaresistentie. Zóveel, dat het moeilijk bleek om door de bomen het bos te (blijven) zien. Daarop besloot de themagroep een factsheet te maken met daarin een overzicht van de verschillende initiatieven die er zijn op het gebied van infectiepreventie en goed gebruik van antibiotica. Ook schreef een aantal themagroep leden een artikel over de factsheet, met daarin ook een reflectie op de inhoud van de factsheet. Dit artikel verscheen in de zomer van 2019 in het Tijdschrift voor Ouderengeneeskunde.

Overige nog lopende onderzoeken zijn:

Het Triage onderzoek: verwijzing naar geriatrische revalidatie na ziekenhuisopname

Herstellen van een gebroken heup, een ernstige infectie, een zware operatie of een beroerte kost tijd en energie. Zeker als je ouder bent en kwetsbaar wordt. In situaties als deze kan een aantal weken of maanden geriatrische revalidatie nodig zijn. Er zijn echter geen duidelijke criteria die aangeven welke oudere ziekenhuispatiënten een intensieve revalidatiebehandeling nodig hebben. Wie kunnen er werkelijk van profiteren? En hoe wordt deze afweging gemaakt?

Het Triage onderzoek, uitgevoerd door Aafke de Groot, Specialist ouderengeneeskunde en kaderarts GRZ, probeert antwoord op deze vragen te geven. In de eerste vier maanden van 2019 verzamelden we de medische gegevens van 70-plussers die naar geriatrische revalidatie gingen vanuit Amsterdam UMC, locatie VUmc. We vergeleken die data met gegevens van hun leeftijdgenoten die vanuit het ziekenhuis direct naar huis konden gaan. Ook vervolgden we de revalidanten om te kijken of ze goed herstelden en naar hun woning terug konden keren.

Uit dit onderzoek willen we een zo klein mogelijke set van gegevens overhouden, die al vroeg tijdens de ziekenhuisopname aanwijzingen kan geven over de best passende ontslagbestemming. Zo’n hulpmiddel kan de artsen en transferverpleegkundigen bij de triage helpen. Daarnaast zijn het revalidatievermogen van de patiënt en diens behandelwensen richtinggevend in de triagebeslissing. Door dit onderzoek willen we bijdragen aan transparante beslissingen over zorg na een ziekenhuisopname van kwetsbare en oudere mensen.

UPCARE, CRP sneltest

Het UPCARE onderzoek loopt van september 2018 tot april 2020 bij elf verpleeghuizen in Nederland. In dit onderzoek wordt geëvalueerd of door inzet van CRP POCT (C-reactief proteïne point-of-care testing) minder antibiotica worden voorgeschreven bij verpleeghuisbewoners met een lage luchtweginfectie. De waarde van CRP, een ontstekingseiwit, geeft de arts extra informatie naast de symptomen van de (verdachte) lage luchtweginfectie. Dit kan de arts mogelijk helpen bij het bepalen welke bewoners antibiotica of juist een andere behandeling nodig hebben.

Van de elf organisaties hebben zes verpleeghuizen beschikking over CRP POCT (‘interventiegroep’) en vijf verpleeghuizen voeren gebruikelijke zorg zonder CRP POCT uit (‘controlegroep’). Artsen vullen vragenlijsten in over symptomen, diagnostiek en behandeling.

In 2019 besteedde AIOS ouderengeneeskunde Jonathan Zijp zijn wetenschappelijke stage aan een subvraag van dit onderzoek. Hij zette de eerste stappen in de ontwikkeling van een model waarmee de CRP-waarde voorspeld kan worden uit symptomen/verschijnselen. Onderzoeker Tjarda Boere van UPCARE begeleidde hem en werkt dit predictiemodel verder uit na afloop van het onderzoek in 2020.

Meer weten over dit onderzoek? Lees het protocolartikel.

Of ga naar de UPCARE pagina op onze website.

Euthanasie bij mensen met dementie op basis van een schriftelijke wilsverklaring: de ontwikkeling van een handreiking

Al sinds de invoering van de euthanasiewet (2002) worstelen artsen met het dilemma hoe zij om moeten gaan met schriftelijke euthanasieverklaringen van mensen met gevorderde dementie. Artsen zijn in meerderheid huiverig om het leven te beëindigen van iemand met wie zij daarover niet meer kunnen communiceren, maar de eerste uitvoeringen zijn een feit. Daarom beogen wij, met dit onderzoek, een handreiking te ontwikkelen waaraan artsen houvast kunnen hebben in het zorgvuldig omgaan met euthanasieverzoeken op basis van een euthanasieverklaring van mensen met dementie. In dit filmpje vertellen DALT-onderzoekster en promovenda Djura Coers (MSc) en Prof. Cees Hertogh wat dit onderzoek inhoudt.